Grace Jones: van disco en New Wave tot Slave to the Rhythm

Grace Jones laat zich moeilijk in één muziekgenre opsluiten. Disco, reggae, funk, New Wave, postpunk en elektronische pop liepen door haar carrière heen, terwijl haar uiterlijk en podiumstijl minstens zo invloedrijk werden als de platen zelf.

Van de discojaren in New York tot de Compass Point-opnamen en Slave to the Rhythm: Jones bouwde een oeuvre waarin muziek en beeld één geheel werden. Dat bleek bijzonder handig toen de jaren tachtig besloten dat een popster voortaan ook visueel een complete planeet moest zijn.

Grace Jones bouwde een unieke carrière tussen disco, funk en New Wave

Van Jamaica via New York naar Parijs

Grace Beverly Jones werd geboren in Jamaica en verhuisde als kind naar de Verenigde Staten. Later werkte ze als model in New York en Parijs voordat haar muziekcarrière serieus op gang kwam.

Die modeachtergrond zou belangrijk blijven voor haar latere imago, fotografie en podiumoptredens.

I Need a Man opende de deur naar disco

I Need a Man verscheen in de jaren zeventig en groeide na heruitgave uit tot een succesvolle clubplaat. Jones vond daarmee aansluiting bij de Amerikaanse discoscene.

Haar eerste albums Portfolio, Fame en Muse horen duidelijk bij de wereld van Disco Radio en de bredere jaren 70 muziek.

La Vie en Rose liet haar eigenzinnigheid horen

Jones nam voor haar debuutalbum een disco-uitvoering van Édith Piafs La Vie en Rose op. De combinatie van Franse chanson en discoproductie liet al vroeg zien dat ze weinig belangstelling had voor keurige genregrenzen.

Het nummer groeide uit tot een van de bekendste opnamen uit haar vroege carrière.

Compass Point veranderde haar geluid radicaal

Rond 1980 ging Jones op de Bahama’s werken met producer Chris Blackwell en muzikanten uit de Compass Point-studio. Sly Dunbar en Robbie Shakespeare vormden een belangrijk deel van de ritmische basis.

Disco maakte plaats voor een eigen mengsel van reggae, dub, funk, rock en New Wave.

Warm Leatherette brak met haar discoperiode

Het album Warm Leatherette uit 1980 bevatte eigenzinnige interpretaties van bestaande nummers. De productie was hoekiger, donkerder en ritmischer dan haar eerdere werk.

Jones klonk ineens alsof de discotheek was verhuisd naar een industrieterrein en niemand daar bezwaar tegen had.

Nightclubbing werd een artistiek hoogtepunt

Nightclubbing uit 1981 bracht haar nieuwe stijl volledig samen. Reggae, funk, elektronische muziek en New Wave vormden een geluid dat moeilijk met andere artiesten te verwarren was.

Het album past daardoor zowel bij Soul en funk als bij de elektronische ontwikkeling van de jaren 80.

Pull Up to the Bumper werd een clubklassieker

Pull Up to the Bumper groeide uit tot een van haar bekendste nummers. De bas, percussie en dubbelzinnige tekst maakten de plaat bijzonder geschikt voor clubs en dansvloeren.

De groove sluit vanzelf aan bij onze Dance Classics en verhalen over De Beste Baslijnen.

Living My Life maakte de Compass Point-periode compleet

Met Living My Life uit 1982 zette Jones de lijn voort. Nummers als My Jamaican Guy en Nipple to the Bottle hielden de combinatie van reggae, funk en elektronica overeind.

De drie albums uit deze periode vormen de kern van haar muzikale reputatie.

Film maakte Grace Jones nog zichtbaarder

In de jaren tachtig speelde Jones onder meer in Conan the Destroyer en de James Bond-film A View to a Kill. Haar opvallende verschijning werkte op het witte doek net zo effectief als op een platenhoes.

Die combinatie van muziek en beeld paste perfect in het tijdperk van MTV.

Slave to the Rhythm werd haar grote jaren 80-statement

Producer Trevor Horn bouwde Slave to the Rhythm uit tot een ambitieus project waarin variaties op hetzelfde muzikale thema terugkeren. De single werd een van Jones’ bekendste internationale hits.

De productie combineerde funk, elektronica en een monumentaal geluid dat nauwelijks voor iemand anders denkbaar was.

Mode, fotografie en muziek werden één geheel

De samenwerking met kunstenaar en fotograaf Jean-Paul Goude hielp het iconische visuele beeld van Grace Jones vorm te geven. Strakke lijnen, androgyne styling en grafische fotografie werden onderdeel van haar identiteit.

Daarmee liep ze vooruit op een popcultuur waarin beeld en muziek steeds sterker met elkaar verweven raakten.

Grace Jones bleef na de jaren 80 actief

Jones bracht later onder meer Inside Story en Bulletproof Heart uit. Na een lange periode zonder nieuw studioalbum verscheen in 2008 Hurricane.

Haar invloed is ondertussen terug te zien en horen bij generaties artiesten die mode, performance en elektronische pop combineren.

Grace Jones op Florida Radio

Op Florida Radio past Grace Jones precies op het kruispunt van disco, funk, New Wave en jaren 80-pop. Dat kruispunt heeft inmiddels zoveel afslagen dat een navigatiesysteem waarschijnlijk opgeeft.

Juist die onmogelijkheid om haar netjes in één vakje te stoppen maakt Grace Jones decennia later nog interessant.